Jonge allochtoon kiest voor dynamische organisatie

Het aantal organisaties en bewegingen van allochtone jongeren - met name de Marokkaanse, Turkse en Molukse - neemt toe. Deze organisaties zijn anders van vorm en karakter dan de organisaties van de eerste generatie. Terwijl de eerste generatie migranten jarenlang trouw is aan een zelforganisatie en bijeenkomt in een stichtingsgebouw of een theehuis, groepeert een groot deel van de allochtone jongeren zich tijdelijk rond een specifiek maatschappelijk (en actueel) thema of ontmoet elkaar virtueel op het web. Flexibiliteit, keuzevrijheid, diversiteit en emancipatie kenmerken de manier waarop allochtone jongeren zich organiseren.

Dynamiek en diversiteit van jongerenorganisaties
Er is veel verschil tussen allochtone jongerenorganisaties, maar de dynamische aard lijkt de bindende factor. Anders dan de organisaties van hun ouders, zijn de jongerenorganisaties

  • gemengd (mannen en vrouwen)
  • tijdelijk
  • meer gericht op actuele thema’s in de Nederlandse maatschappij en de politiek
  • breder verankerd in de samenleving.
  • (financiel) onafhankelijk: zij vinden sponsors voor hun activiteiten (fondsen en de commercie)

Er zijn algemene organisaties, maar ook organisaties voor hoger opgeleiden, studenten, beroepsgroepen, rootsbewegingen, enzovoorts.

Klassieke zelforganisaties
De klassieke zelforganisaties kenmerken zich door

  • een bekend ledenbestand en een bestuur
  • gerichtheid op de etnische identiteit
  • het nastreven van maatschappelijke participatie door toerusting en belangenbehartiging.
  • hun positionering in de "welzijnshoek"
  • afhankelijkheid van subsidies.
  • een agenda vaker bepaald door de politiek van het herkomstland.

 

 

 

Mei 2003,mei 2004

Inhoud
Dynamiek en diversiteit van jongerenorganisaties
Klassieke zelforganisaties
Internet en meningsvorming
Maatschappelijke betrokkenheid
Identiteit en etniciteit
Invloed van andere trends
Een blik op de toekomst

Meer trends

Lees meer
Het Instituut voor Migratie en Etnische Studies (IMES) heeft analyses gemaakt van zelforganisaties en netwerken van Surinamers en Antillianen/Arubanen (1998 en 2002), Turken (1999) en Marokkanen (2001 en 2002). Ga naar de site van het IMES.

 

Internet en meningsvorming
Allochtone jongeren maken optimaal gebruik van het internet. Bijna alle zelforganisaties hebben een website. Sommige jongerenorganisaties zijn zelfs puur opgericht voor het beheren van een site.
Op het internet draait het niet alleen om de chatbox. Er wordt serieus ‘gesproken’ over actuele kwesties en levensvragen. Allochtone sites werken door hun toegankelijkheid en anonimiteit - er kan vrijelijk gediscussieerd worden - als emancipatiemachine.

Maatschappelijke betrokkenheid
De afname van verbondenheid door lidmaatschap bij traditionele zelforganisaties wil niet zeggen dat allochtone jongeren hun maatschappelijke belangstelling verloren hebben. De jonge generatie neemt deel aan demonstraties, actiegroepen en debatten. De stille tochten van Molukse jongeren als protest tegen de gewelddadigheden op de Molukken zijn hier een voorbeeld van.

Identiteit en etniciteit
Net als voor hun ouders zijn etniciteit en religie belangrijk voor allochtone jongeren. De behoefte is groot om contact te hebben met mensen van dezelfde etnische en religieuze afkomst. Jongeren richten daarom ook organisaties op etnische grondslag op.
De tweede generatie is echter op een andere manier bezig met haar etnische identiteit dan de ouderen. Jongeren proberen via hun organisatie de weg vrij te maken voor diversiteit: ze willen zich als individu met een bepaalde identiteit profileren en een plaats veroveren in de Nederlandse samenleving en in de eigen groep. Ze voelen zich verantwoordelijk voor hun éigen rol in de samenleving.
Tegelijkertijd is er een toenemend besef onder allochtone jongeren – met name de Marokkaanse – dat ze deel uitmaken van een gemeenschap. Er is gedeelde pijn door het stigma (met name ontstaan na 11 september 2001). Dit laten het manifest van Koerswijziging.nl en de toenemende populariteit van de Arabisch-Europese Liga (AEL) zien.

Invloed van andere trends

  • Individualisering: beïnvloedt de organisatievorm door flexibilisering van sociale relaties en de behoefte aan een grotere keuzevrijheid. Het verlangen naar een eigen individuele invulling van het leven is duidelijk aanwezig onder allochtone jongeren.
  • Groei tweede (en derde) generatie: stuurt en versterkt de trend. De jongere generatie(s) zal (zullen) getalsmatig en in relatie tot de eerste generatie steeds belangrijker worden.
  • Huidige publieke debat: het huidige publieke debat over allochtonen en met name moslims - wat door Marokkanen het "stigma" wordt genoemd – is kritisch.
  • Decentralisatie: gemeenten en provincies wijken vaker af van het landelijk beleid in hun subsidieregels. Zij kunnen ruimte bieden aan nieuwe bewegingen en ideeën. Jongerenorganisaties kunnen hiervan gebruik maken.

Een blik op de toekomst

Welke gevolgen heeft deze trend op de Nederlandse multiculturele samenleving? We laten het heden los en schetsen wat beelden van een mogelijke toekomst.

  • Het aantal bewegingen en organisaties van tweede generatie allochtone jongeren zal groeien.
    De meeste etnische groepen zijn immers jong en de problematiek van jongeren is bij sommige groepen groot. De behoefte aan een eigen organisatie blijft, met name bij Turkse, Molukse en Marokkaanse jongeren.
  • De opkomst van nieuwe etnische groepen (met name vluchtelingen) remt de trend,
    omdat deze (eerste generatie) gemeenschappen zich zeer waarschijnlijk eerst op de klassieke manier zullen organiseren.
  • Het belang en het aantal van de "oude" belangenorganisaties zullen afnemen,
    ondanks de zelforganisaties van nieuwe migranten. Dit proces zal versnellen als de subsidie-eisen (in verband met het integratiebeleid) scherper worden.
  • Oude zelforganisaties zullen vergrijzen, maar ze zullen ook leden verliezen
    door de groei van specifieke ouderenorganisaties.
  • De diversiteit aan organisaties neemt toe.
    De kans is groot dat jongeren van verschillende etnische groepen elkaar gaan vinden op grond van andere gedeelde kenmerken, thema's of doelstellingen zoals
    - geloof
    - gender (netwerken van migranten- en vluchtelingenvrouwen), opleidingsniveau (studieverenigingen)
    - meertaligheid
    - bestrijding van racisme.
    Daarnaast zullen meer culturele verenigingen komen die de nadruk leggen op de 'roots': kennis van de eigen taal, cultuur en identiteit (zoals de huidige opkomst van Berberorganisaties onder jonge Marokkanen).
  • Algemene organisaties, subculturen en tijdelijke verbanden worden belangrijker.
    Door de integratie van en individualisering binnen migrantengroepen zal het belang van etniciteit afnemen. Het is de vraag of deze trend doorzet en migranten niet weer meer uitgesloten en teruggeworpen worden op hun afkomst. Vergelijk onze beelden hierover in de drie scenario's.
    Het huidige verzet van jonge Marokkanen tegen het "stigma" toont dat zij vooralsnog niet voor isolatie kiezen, maar zich juist extra roeren in het publieke debat. De nieuwe Marokkaanse voorhoede is extrovert, strijdbaar, idealistisch en onafhankelijk (van overheidsgeld).
  • De bereikbaarheid van etnische groepen via de zelforganisaties wordt minder.
    Overheid en politiek moeten nadenken over de wijze waarop zij contact willen houden en invloed willen uitoefenen op allochtone groepen. De (klassieke) zelforganisaties en hun leden kunnen nog steeds belangrijk zijn voor de overheid: denk aan ouderparticipatie en sociale activering. De huidige opkomst van een nieuwe allochtone voorhoede betekent nog niet dat de overheid daarmee nieuwe aanspreekpunten heeft. Het jonge kader neemt vooralsnog niet het stokje over van het kader van de oude zelforganisaties.
  • De eigen organisatiegraad blijft belangrijk voor allochtonen.
    Een sterk netwerk geeft meer kans op participatie. Onderzoek naar de opkomst van Turken bij lokale verkiezingen heeft laten zien dat die in Amsterdam (waar veel zelforganisaties zijn opgeheven na een subsidiestop van de gemeente) in 2002 gehalveerd was (ten opzichte van 1998), terwijl de Turkse opkomst in Rotterdam (waar veel aandacht voor zelforganisaties is vanuit de gemeente) juist was toegenomen.
    Het organiserend vermogen van allochtone jongeren is met name belangrijk voor Marokkanen. Zij staan momenteel onder aan de sociale ladder. Als zij hun organisaties en bewegingen meer kunnen richten op de arbeidsmarkt (door netwerken, lobbyen), kunnen ze een betere positie voor zichzelf bemachtigen.

 

Bronnen
Berger, M., A. Feenstra, A. van Heelsum, M. Fennema en J. Tillie, Surinaamse en Antilliaanse/Arubaanse organisaties in Amsterdam, een netwerkanalyse. Amsterdam: Het Spinhuis, 1998.
Heelsum, A. van, Marokkaanse organisaties in Nederland, een netwerkanalyse, Amsterdam: Het Spinhuis, 2001.
Heelsum, A. van en K. Kraal, Een dynamisch mozaïek: nieuwe trends bij Marokkaanse organisaties, Utrecht: Samenwerkingsverband Marokkanen en Tunesiërs [SMT], 2002.
Heelsum, A. van en J. Tillie, Turkse organisaties in Nederland, een netwerkanalyse, Amsterdam: Het Spinhuis, 1999.
Heelsum, A. van en E. Voorthuysen, Surinaamse Organisaties in Nederland, een netwerkanalyse, Amsterdam: Aksant, 2002
Yesilgöz, Y. en M.S. de Boer, ‘Zoeken naar allochtone burgermaatschappij’, Trouw, 21-4-2001.
Zeeman, Melchior, ‘"Er moet een machtswisseling komen"’, Haagsche Courant, 20-05-2003.
‘Generatiekloof binnen de migrantenorganisaties’, Haagsche Courant, 20-05-2003.

 

Reageer
Wilt u op deze trend of de toekomstschetsen reageren? Mail dan naar de redactie van de trendsite:
trendsite@forum.nl


 

Vooral onder jonge allochtonen (15 tot 24 jaar) is het internetgebruik hoog. Bij Marokkaanse jongeren gaat het om 93 procent, bij
Surinaamse om 88 procent en bij hun Turkse leeftijdsgenoten om 57 procent. Dat blijkt uit een onderzoek van bureau MCA Communicatie onder bijna zeshonderd allochtonen in de vier grote steden.
Ga naar de site van MCA Communicatie.

De websites van allochtone (vooral Marokkaanse) jongeren zijn opgericht omdat jonge allochtonen zichzelf in het bestaande publieke domein onvoldoende herkennen. ‘Zij kunnen zich niet of nauwelijks identificeren met personen op de Nederlandse televisie, en onderwerpen waarin zij geïnteresseerd zijn, komen niet of nauwelijks aan bod.’ Is een website als Maroc.nl nou een cultureel getto of juist een poging om deel te nemen aan het collectieve publieke domein? Is deze ontwikkeling een teken van fragmentatie of emancipatie? Vooralsnog neigen onderzoekers in hun mening naar het laatste. De eigen etnische identiteit wordt beleefd, maar ‘tegelijkertijd ook ter discussie gesteld en ingepast in de Nederlandse samenleving’.
Bron: de Volkskrant, 5 juli 2003 (Media bijlage), ‘Integreren via internet’ door M. de Waal.

 

Reageer
Wilt u op deze trend of de toekomstschetsen reageren? Mail dan naar de redactie van de trendsite:
trendsite@forum.nl

 

Wat doet FORUM?

Ondersteuning zelforganisaties. Met dit project wil FORUM het ontstaan en de ontwikkeling van zelforganisaties stimuleren.

Platform Zelforganisaties. Het Platform Zelforganisaties van FORUM ondersteunt allochtone zelforganisaties bij de uitvoering van hun activiteiten.

• In opdracht van FORUM doet het Instituut voor migratie en etnische studies, het IMES, onderzoek naar nieuwe ontwikkelingen onder allochtone zelforganisaties.

 

 

Homepage FORUM | Trendsite

© FORUM, 2004